Een groene tuin is meer dan een fijne plek om te ontspannen. Het is ook een belangrijke plek voor vogels, insecten en andere dieren. Door je tuin diervriendelijk in te richten, help je verschillende soorten te ondersteunen. En als er veel verschillende dieren in je tuin leven, blijft je tuin gezond en zijn er minder plagen. Vogels eten slakken, bijen zorgen voor bestuiving en kleine bodemdiertjes houden de bodem gezond. Lees hier tips voor een diervriendelijke tuin.
1. Help dieren je tuin binnen te komen
Maak het voor dieren makkelijk om je tuin binnen te komen. Zo kunnen ze genoeg veilige plekken vinden om te overleven. Dat kan bijvoorbeeld door een groene haag te gebruiken in plaats van een schutting. Zo’n levende afscheiding maakt het voor dieren makkelijker om je tuin te bereiken. Heb je al een houten schutting? Maak dan een net afgewerkt gat van 15 x 15 centimeter in de schutting. Zo kunnen egels, kikkers en padden je tuin binnenkomen. Overleg dit met je buren, zodat jullie samen een doorgang kunnen maken.
2. Creëer schuilplekken
Zorg dat je verschillende soorten inheemse planten, bomen en struiken in je tuin hebt staan. Inheemse planten zijn planten die van oorsprong in een gebied voorkomen. Ze zijn belangrijk voor dieren die daar leven, omdat ze onder andere voedsel en schuilplaatsen bieden. Insecten en amfibieën kun je ook helpen aan een schuilplek met een stapeltje stenen of een stapeltje onbewerkt hout. Laat voor egels een hoekje van de tuin wat rommelig met bladeren en takken. Voor vogels kun je een nestkastje ophangen.
3. Maak van je tuin een voedselparadijs
Vogels doe je een plezier met bomen en struiken waar bessen, noten of andere vruchten aan zitten die ze kunnen eten. Vlinders en bijen help je aan voedsel met nectarrijke bloemen die in verschillende maanden bloeien. Die nectar trekt ook andere insecten aan, die op hun beurt weer voedsel zijn voor vogels en vleermuizen. In de winter vinden dieren nog eten in de zaaddozen van uitgebloeide planten. Laat die dus gerust staan.
4. Zorg voor water in je tuin
Dieren hebben water nodig. Je doet dieren zoals vogels al een plezier met een waterschaal. Zo hebben ze het hele jaar door drinken. Heb je een grote tuin? Dan is een natuurlijke tuinvijver of een paddenpoel een optie. Daarmee geef je ook kikkers, padden en salamanders een fijne plek om te leven. Plaats een trapje in de vijver zodat kikkers (of egels die in de vijver zijn gevallen) er makkelijk uit kunnen klimmen.
5. Maai (een stukje) gazon niet
Heb je gras in je tuin? Laat de grasmaaier dan wat vaker staan. Ga voor levendig gras door (een deel van) je gazon minder vaak te maaien. Zo geef je bloemen de kans om te groeien. Een gazon met hoger gras en bloeiende bloemen biedt voedsel en schuilplekken voor insecten. Bovendien bespaar je er tijd mee en droogt hoger gras minder snel uit.
Doe mee aan de Maand van de Groene Tuin
Ben je geïnspireerd geraakt door deze tips? Doe dan mee aan de Maand van de Groene Tuin! Van 1 t/m 30 april 2026 gaan we samen aan de slag om tuinen, balkons en straten groener en duurzamer te maken. Kijk op maandvandegroenetuin.nl/acties voor groene activiteiten bij jou in de buurt of ga zelf aan de slag met de tips. Is jouw groene tuin of balkon een echte blikvanger? Doe dan mee aan de tuinwedstrijd en stuur een foto in van jouw tuin of balkon via maandvandegroenetuin.nl/tuinwedstrijd.